Direct online bestellenLevertijd 5 werkdagen (NL)Biologisch afbreekbaar doek, ASTM-getest
Achtergronddossier

Materiaaldossier vlaggendoek. Wat polyester werkelijk doet.

Dit is geen aanbod maar een dossier. Het beschrijft wat er met een polyester vlag gebeurt nadat je hem weggooit, waarom elke geweven vlag vezels afgeeft zolang hij hangt, en wat biologisch afbreekbaar vlaggendoek daar wel en niet aan verandert. Ook de punten waarop het onderzoek geen antwoord geeft staan erin.

Flag-CiCLO®Het doek in dit dossier
4Geteste omgevingen volgens ASTM
94,2%Afgebroken in zeewater in ruim drie en een half jaar
Na het weggooien

Polyester verteert niet. Het wordt alleen kleiner.

Polyester is een kunststof. In de natuur bestaan nauwelijks organismen die de moleculaire ketens ervan als voedsel herkennen, en daarom verteert het materiaal niet zoals katoen of wol dat doen. Wat er wel gebeurt is fragmentatie: door zonlicht, warmte, vocht en mechanische beweging valt het doek uiteen in steeds kleinere deeltjes. Die deeltjes zijn chemisch nog altijd polyester. Ze zijn alleen te klein geworden om nog op te ruimen.

Voor een afgedankte vlag zijn er in de praktijk drie eindbestemmingen. Welke het wordt, hangt af van hoe de vlag zijn laatste dag doorbrengt.

Verbranding

In Nederland gaat het meeste restafval de verbrandingsoven in. Het doek verdwijnt daarmee als materiaal, maar de koolstof die in de vezel zat komt vrij als CO₂. Er blijft niets van de vlag over dat opnieuw bruikbaar is. Van de drie eindbestemmingen is dit de best beheerste, en tegelijk de meest definitieve.

Storten

Wordt een vlag gestort of afgedekt met ander afval, dan ligt hij in een omgeving zonder zuurstof en met weinig licht. Gewoon polyester verteert daar niet. Het doek blijft als samenhangend materiaal aanwezig, en valt over lange tijd uiteen in steeds kleinere stukjes zonder ooit door micro-organismen te worden opgeruimd.

Zwerfafval

Een vlag die van de mast waait, in een sloot belandt of langs de weg blijft liggen, komt nooit in een afvalstroom terecht. Daar doet zon, vorst en beweging het werk: het doek scheurt, rafelt en fragmenteert. Elk stukje dat losraakt is nog steeds polyester, alleen kleiner en moeilijker terug te vinden.

Tijdens het hangen

Een vlag slijt in de buitenlucht, en geeft daarbij vezels af.

Een vlag verkeert in een uitzonderlijke situatie voor textiel. Hij hangt dag en nacht buiten, hij wordt niet beschut en hij beweegt vrijwel onophoudelijk. Twee krachten grijpen daarop aan.

UV-straling maakt de vezel bros

Ultraviolet licht breekt de moleculaire ketens in polyester langzaam af. Het doek verliest daardoor sterkte en elasticiteit, de kleur verschiet en het materiaal wordt brosser. Een brosse vezel breekt eerder dan een soepele.

Wind zorgt voor de mechanische belasting

Wapperen betekent dat het weefsel voortdurend buigt, klappert en langs zichzelf schuurt. Aan de vliegende zijde is die belasting het hoogst, wat je terugziet in het rafelen dat daar begint. Elke keer dat een verzwakte vezel breekt, komt een stukje textielvezel los.

Dat is geen eigenschap van een bepaald merk of een bepaalde kwaliteit. Dit geldt voor élke geweven vlag, van welk materiaal en van welke leverancier ook. Een vlag die hangt, slijt. Een vlag die slijt, geeft vezels af. De enige variabelen zijn hoe snel dat gaat en wat er daarna met die vezels gebeurt.

De kern van dit dossier

Afbraak versnellen is iets anders dan afgifte voorkomen.

Hier gaat het in deze markt het vaakst mis, en wij hebben die fout zelf ook gemaakt. Wie het onderscheid tussen deze twee dingen loslaat, komt vanzelf uit bij claims die de tests niet dragen.

Wat het wel doet

CiCLO® brengt biologisch afbreekbare domeinen aan in de polyestervezel zelf. Micro-organismen herkennen die plekken als voedsel en krijgen daarmee een aangrijpingspunt op een materiaal dat ze normaal laten liggen. Vanaf dat punt eten ze zich verder door de vezel heen. Dat is wat de vier ASTM-tests hieronder meten.

Wat het niet doet

De technologie verandert niets aan de hoeveelheid vezels die een vlag tijdens gebruik loslaat. Het doek is en blijft polyester, het slijt even hard en het rafelt even snel. Wie een vlag van dit doek ophangt, hangt geen vlag op die minder vezels afgeeft. Hij hangt een vlag op waarvan de afgegeven vezels een andere afloop hebben.

Waarom dit onderscheid ertoe doet

Een leverancier die belooft dat zijn duurzame vlaggen niets achterlaten in de natuur, belooft iets wat geen enkel weefsel waar kan maken. Wat wél waar te maken is, is dat de vezels die loslaten door micro-organismen worden opgeruimd in plaats van onbeperkt te blijven liggen. Dat is een kleinere belofte, maar het is er wel een die met testrapporten te onderbouwen is.

Het onderzoek

Vier ASTM-tests op biologisch afbreekbaar vlaggendoek.

Onafhankelijke laboratoria hebben het doek in vier omgevingen getest, telkens naast een controlemonster van onbehandeld polyester. In zeewater brak 94,2% van het materiaal af in ruim drie en een half jaar, gemeten volgens ASTM D6691-17; het onbehandelde referentiemonster kwam in diezelfde test en dezelfde termijn niet verder dan 3,8%. De andere drie omgevingen staan hieronder samengevat.

  • Zeewater (ASTM D6691-17): 94,2% afgebroken in ruim drie en een half jaar. Getest met echte mariene micro-organismen.
  • Bodem (ASTM D5988): 91,1% afgebroken in ruim drie jaar. Begraven in vruchtbare aarde.
  • Stortplaats (ASTM D5511-18): 91,1% afgebroken in drie en een half jaar. Zonder zuurstof, zoals afval dat wordt afgedekt.
  • Rioolslib (ASTM D5210-92): 90% afgebroken in ruim tweeënhalf jaar. De omgeving waar waswater terechtkomt.

De volledige tabel, met de testduur in dagen en de uitkomst van het onbehandelde referentiemonster per omgeving, staat op de claimpagina. Die tabel herhalen we hier bewust niet, zodat er maar één plek is waar de cijfers vandaan komen.

Zo is dat gemeten

Grenzen van het onderzoek

Waar deze cijfers ophouden.

Een dossier dat alleen de gunstige kant beschrijft is geen dossier. Vier dingen horen erbij.

Een testvat is geen berm

Laboratoriumtests weerspiegelen gecontroleerde omstandigheden. Afbraaksnelheden in ongecontroleerde natuurlijke omgevingen variëren. In het laboratorium zijn temperatuur, vochtigheid en de aanwezige micro-organismen constant gehouden. Een vlag die langs een weg belandt ligt in de vrieskou, dan weer in de zon, soms droog en soms nat, en op de ene plek zit een heel andere microbiologie dan op de andere. Lees de gemeten termijnen dus als wat er onder gunstige omstandigheden mogelijk is, niet als een voorspelling voor een specifieke plek.

Dit is geen compostering

De tests hierboven meten biologische afbraak over jaren, in zeewater, bodem, stortplaats en rioolslib. Compostering is iets anders: andere normen, hogere temperaturen en termijnen van weken tot maanden. Het doek voldoet daar niet aan, de licentiegever van de technologie verbiedt die claim uitdrukkelijk, en een afgedankte vlag hoort dus niet op de composthoop of in de gft-bak.

De resterende paar procent

Geen van de vier tests komt op honderd procent uit. In zeewater bleef na ruim drie en een half jaar een kleine rest over, en in de andere omgevingen ligt die rest iets hoger. Wat er precies van die rest overblijft en hoe lang die er nog over doet, is met deze testopzet niet vastgesteld. Wij rapporteren daarom de gemeten uitkomst en niet een afronding naar boven.

Wat geen enkele afbraaktest meet

De belangrijkste milieuwinst bij vlaggen zit waarschijnlijk niet in de afbraak maar in de levensduur. Een vlag die twee seizoenen langer heel blijft, hoeft in die periode niet te worden vervangen, en dat scheelt een volledige productie en een transport. Dat is winst die in geen enkele ASTM-test terugkomt, omdat die tests alleen kijken naar wat er met het materiaal gebeurt nadat het is afgedankt. Wie een duurzame vlag zoekt, doet er daarom goed aan eerst naar afwerking, maatvoering en onderhoud te kijken, en pas daarna naar de afbraakcijfers.

De onderliggende rapporten inzien?

De testrapporten, de herkomst van het doek en de certificaten zijn opvraagbaar, ook als je nog niets bestelt. Gebruik ze gerust om onze cijfers naast die van een andere leverancier te leggen.